zaterdag 7 december 2013

Verbeelding

"Scholen zouden meer aan de verbeelding mogen overlaten. Dat voorkomt dat een kind zich gaat vervelen. Want het wordt al snel saai, hoor, al in het lager onderwijs. Enfin, zo ging het bij mij toch"
François Englert in De Standaard

maandag 18 november 2013

Sex & drugs in de bib

Onrust in de bibliotheeksector na een interview van ocharme drie minuten in Café Corsari: het boekenprogramma Man over Boek zou een item brengen over bacteriologische en toxicologische sporen op bibliotheekboeken. De presentator had al een tip van de sluier opgelicht: ja, er was herpes gevonden op een boek.

Nu heeft Man over Boek in de boekensector al de roepnaam Boek over Boord gekregen. Het programma is immers gebaseerd op Man over Boord en lijkt meer om kijkcijfers dan om boeken  te draaien. De topics spreken de echte boekenliefhebbers nauwelijks aan en zetten niet-lezers al evenmin aan tot lezen. Mensen willekeurig Ullyses in hun handen stoppen en na een week vragen wat ze ervan vonden,  is een vreemde manier om met boeken om te gaan.  Het woord 'leesbevordering' laten we hier maar niet vallen, want dat is de bedoeling van het programma uiteraard niet.

De bibliotheeksector  was dus ongerust. Het zou allicht meer om sensatie dan om informatie draaien. Enerzijds, zo ging de discussie op Kenniskantoor, mogen we realiteit niet ontkennen. Elke bibliothecaris weet wat er allemaal de boeken gevonden wordt. Anderzijds zou het programma geen aandacht hebben voor de hele context van het bibliotheekwerk. Het was nog niet bekend wat het programma juist zou brengen. De zaak al te ernstig nemen, zou ons imago ook geen goed doen. Was een vleugje humor niet op z'n plaats? Moest de sector geen actie ondernemen?

De pers deed alvast wel. Nog vóór de uitzending zelf besteedde Hautekiet aandacht aan het thema. Een interview met Koen Temmerman van de bibliotheek van Gent draaide rond de vreemde voorwerpen die mensen als bladwijzer gebruiken. Koen draaide het gesprek handig naar de hulpvaardigheid van de bibliotheekmedewerkers, die zorgzaam met teruggebrachte boeken omgaan en verloren voorwerpen - foto's, liefdesbrieven - graag terugbezorgen aan de rechtmatige eigenaars.

De uitzending zelf was minder spectaculair dan de aankondiging. Er was herpes gevonden op Vijftig tinten grijs en cocaïne op alle onderzochte boeken, maar niemand zou er ziek of high van worden. De VVBAD kon zich de moeite besparen om herpes als beroepsziekte te laten erkennen.

Na de uitzending vond de bibliotheeksector op Facebook de juiste toon. Eén bibliothecaris vond dit het perfecte excuus: 'herpes? Oh, dat komt door die boeken van de bibliotheek, schat.' Nu weten we waarom lezen verslavend is, klonk het op de pagina van Howest Bibliotheken en 'de bib van Puurs, dat is sex, drugs en rock 'n roll!'

Ook het buitenland vond de associatie van bibliotheken, boeken, herpes en cocaïne om van te smullen. Voor de NOS was het een Belgisch probleem, de Huffington Post maakte van professor Jan tytgat een vrouw en het mij verder onbekende Breitbart maakte het helemaal te bont: Bij de Permeke-bibliotheek in Antwerpen komen plaatjes van het Conscienceplein en de gelijknamige erfgoedbibliotheek en het onderzoek is een initiatief van twee proffen die niets beters te doen hebben.

Het bericht werd opgepikt door zowat alle media en wat is het resultaat? Man over boek heeft geen angstpsychose veroorzaakt en waarschijnlijk al evenmin nieuwe lezers naar de bibliotheek getrokken. Er is over het programma - of toch over het onderzoek dat het initieerde - gepraat tot ver over de landsgrenzen. Misschien gaf dat de kijkcijfers een boost. Dat is dan goed nieuws voor de programmamakers. En voor bibliotheeksector? 'Er bestaat geen slechte publiciteit', bracht mijn collega Tom in herinnering na de uitzending. Hij heeft gelijk, toch?

donderdag 17 oktober 2013

Digitale school?

Dochter wil op Knooppunt, de website van de Vlaamse educatieve uitgevers, een luisteroefening Frans maken. Ze logt in, maar geraakt in Cap sur le français niet verder dan de eerste les. Doorduwertje als ze is, maakt ze dan maar eerst alle oefeningen van de eerste les, in de hoop dan 'spelletjesgewijs' naar het tweede 'level' te kunnen, maar zo werkt het natuurlijk niet. Het is uiteindelijk papa die opmerkt dat ze Chrome gebruikt, terwijl de educatieve uitgevers nog altijd Internet Explorer aanraden. Even van browser wisselen, lost het probleem inderdaad op.

De oefening voor techniek staat vreemd genoeg niet op Knooppunt. Het is een gekopieerd blaadje dat uitnodigt om ... een oefening op internet te maken. Het intikken van de eerste URL is al een oefening op zich. De website laat toe van een tekenreeks, haar naam bijvoorbeeld, een streepjescode te maken. Als ze dat probeert, krijgt ze alleen een cryptische foutmelding. Papa er dus weer bijgehaald, die ziet dat het om een fout in de code op de pagina gaat, het soort melding dat alleen IE nog geeft. En ja, dochter was inderdaad blijven doorwerken in dezelfde browser. Even overgeschakeld naar Chrome en kijk, de streepjescode was in een wip gegenereerd.

Voor de laatste oefening moest ze de cijfers van een streepjescode ingeven op weer een andere site (jawel, URL weer netjes overtikken van de kopie) om informatie over het product terug te vinden. En kijk, het resultaat is alweer een cryptische foutmelding. Papa er dus weer bijgehaald, die het deze keer ook niet meer weet,
"You have exceeded the allotted number of queries in a 24 hour period.
If you require additional information please contact your Member Organization
or submit your remaining queries after midnight GMT."
zodat het resultaat van deze oefening voor techniek een stukje Engelse tekst is dat misschien wel, maar misschien ook niet, bewijst dat alle scholieren hun taken op het laatste moment maken.

Wat hebben we geleerd vandaag? Dat Internet Explorer Chrome niet is? dat leerlingen van twaalf maar beter hun Engels goed onder de knie hebben? Dat het onderwijs meegaat met zijn tijd?

donderdag 19 september 2013

De bibliotheekhemel


Een etmaal reizen om in de hemel te geraken, dat is toch de moeite niet. Al zeker niet als je tijdens de langste vlucht kan kiezen uit verfilmde literaire klassiekers zoals Ik, robot van Isaac Asimov en Het leven van Pi van Yann Martel. Waar die hemel zich dan wel bevindt? In Singapore, zoals elke bibliothecaris weet.

Dat was toch mijn stellige overtuiging na het IFLA-congres in Berlijn in 2003. Ngian Lek Choh van de Nationale Bibliotheek van Singapore kwam daar de doe-het-zelf bibliotheek voorstellen, een bibliotheek zonder personeel die volledig op zelfbediening draaide. Een maand later zouden op Informatie 2003 de eerste Vlaamse bibliothecarissen komen vertellen over hun ervaringen met de introductie van RFID. Van bibliotheken zonder personeel was hier toen nog geen sprake.

Bibliotheken in Singapore waren dus technologisch vooruitstrevend, zoveel was duidelijk. Het World Library and Information Congress van 2013 was dan ook een uitgelezen gelegenheid voor een bezoek. Het programma omvatte één bibliotheekbezoek per deelnemer. Wie er meer wou, had nood aan goede connecties, zin voor initiatief, een dosis assertiviteit of gewoon wat Franse flair.

Central Public Library - let op het tapijt

Een vijftal bibliotheekbezoeken later - ja, ik beschik over de juiste competenties ;-) - overheerste eerst toch wat teleurstelling. De belofte van de hemel was niet ingelost. Het duurde even voor ik doorhad dat mijn ontgoocheling veel met de tapijten te maken had. Zelfs in nieuwe bibliotheken liggen vaak tapijten met drukke patronen op de vloer. Bij uitbreiding lijkt design niet de sterkste kant te zijn van de bibliotheken in Singapore, toch niet voor een Westerse smaak. Of moet ik zeggen: voor mijn smaak? Veel glanzende oppervlakken - wat het fotograferen er niet gemakkelijker op maakte - lage plafonds en ruimtes die eerder functioneel dan mooi waren ingericht.

'Dansstudio' in Library@Esplanade
En toch: enkele ruimtes in de Nationale Bibliotheek vormden een uitzondering, net zoals de opvallende 'dansstudio' in Library@Esplanade.Die laatste bevindt zich ergens op een bovenverdieping van Theatres at the Bay en is - passend bij de locatie - gewijd aan film, muziek, theater en dans. Het schemerige interieur heeft wel charme, als het buiten immer tropisch heet is.

Technologisch was er niet veel spectaculairs te zien. Zelfbediening, sorteerrobots, apps: we kennen het bij ons ook allemaal. Het meest opvallende was nog de grote verscheidenheid aan kaarten die gebruikt konden worden als bibliotheekkaart. In een en hetzelfde filiaal kon je terecht met je identiteitskaart, je rijbewijs, je leerlingenpas, je ledenkaart van de vakbond of je abonnement voor het openbaar vervoer. Het doet wat vragen rijzen over privacy in deze centralistische eenpartijstaat, maar gemakkelijk is het wel. Bovendien zijn al die nieuwe technologieën in elke bib aanwezig, in de openbare bibliotheken, maar ook in die van het hoger onderwijs.

Misschien zat de vernieuwing ook elders dan in de technologie. De Vlaamse bibliotheeksector loopt
Green Library
niet echt warm voor een 'transitie naar een duurzame samenleving'. Hebben we daarin wel een rol te spelen, vragen we ons af. Singapore maakte op mij niet onmiddellijk de indruk van een samenleving die duurzaamheid hoog in het vaandel voert. Veel energievretende airco's in dit tropische consumptieparadijs. Maar de National Library Board opende wel met veel poeha de Green Library, de vernieuwde jeugdafdeling van de Central Public Library. Het gaat om een publiek-private samenwerking, waarbij een bouwonderneming de inrichting voor zijn rekening nam. Restjes behang en tapijt en de geverfde oude boekenrekken zorgen voor een kleurrijk geheel. De levensboom in het midden heeft bladeren van gerecycleerde petflessen en in een hoekje staat een konijn van wegwerpbekers. Op de muur kunnen de kinderen een spelletje spelen. Als ze het fout doen, sterft al het leven. De filosofie achter het initiatief is duidelijk: bibliotheken kunnen een rol spelen in het sensibiliseren en hoe jonger je begint, hoe beter. In Vlaanderen verschuilen we ons achter de lokale autonomie en wachten we tot een ander initiatief neemt. In het centralistische Singapore leidt een gedifferentieerde aanpak tot resultaat.

Themastand in Woodlands Regional Library
'Earthlings, take me to your readers.'
Bij nader inzien hadden de bibliotheken in Singapore alles wat een goede bibliotheek nodig heeft. Er waren stille leeshoeken en ruimtes voor groepswerk, brede collecties - Dean Koontz in de technische universiteit - en een leescafé.  De collecties werden goed aan de man bedacht. De veertien verdiepen van de nationale bibliotheek hadden bijna allemaal minstens één tentoonstelling . Aan de muren van de bib in Temasek Polytechnic hingen posters die wezen op de collecties op de andere verdiepingen. In Woodlands Regional Library themastands bij de vleet. Laat ons vooral ook de gebruikers niet vergeten, in elke bib, op elke etage.

Perfect was het allemaal zeker niet. Over het antwoord op een vraag naar samenwerking met de andere stadsdiensten die in hetzelfde gebouw gehuisvest zijn, moest men in Woodlands Regional Library toch even nadenken. Een jaar of twee geleden was er een tentoonstelling geweest ... Geen decreet Lokaal Cultuurbeleid hier. De hemel was het misschien niet, maar - om het in Michelin-termen te stellen - Singapore 'vaut le voyage'.

zondag 15 september 2013

Applaus


Het voordeel van een grote (internationale) conferentie die wat langer duurt, is dat er ruimte komt in het programma voor een slotceremonie. Op ons eigen congres, dat maar twee dagen duurt, is het afsluitend moment beperkt tot een drink. Een groot deel van het publiek is dan al naar huis en de blijvers zitten niet te wachten op een laatste speech.

Erg is dat niet. Op een IFLA-congres is een slotceremonie een verplicht nummertje, met een voorstelling van de volgende locatie en de aankondiging van de plaats waar het congres over twee jaar zal plaatsvinden, een woordje van de voorzitter en - als het wat goed georganiseerd is - een emotionele afsluiter met vlaggenzwaaiende kindjes. Of zoiets.

Op Informatie aan Zee is daar dus geen tijd voor. Om één reden is dat bijzonder jammer: het is ook een unieke gelegenheid om de vrijwilligers in de kijker te zetten. Op het World Library and Information Congress zijn dat er ruim honderd, bij ons een flink dozijn. Hun inzet is er niet minder om en voor het welslagen van de organisatie zijn ze onmisbaar. Ik weet ook wel: de voorzitter noemt hen altijd in het dankwoord aan het begin van de conferentie. Dat is toch niet hetzelfde. Aan het einde besef je beter dat ze verschil maken. Op het IFLA-congres krijgen de vrijwilligers tijdens de slotceremonie altijd een warm en enthousiast applaus. In Oostende ontbrak dat. Ik heb het gemist: Wiebke Barbier, Els Bervoets, Luc De Munck, Katrien Deroo, Goedele Noppe, Carlijn Postma, Inge Priem, Mieke Raeymaekers, Birgit Reynders, William Symons, Jana Van Camp, Lieselotte Verhalle en An Verstraeten hebben het zeker verdiend!

zaterdag 7 september 2013

Kunst

"Zes jaar lang gebruikte de anti-piraterij-organisatie BREIN zonder toestemming en zonder vergoeding de muziek van componist Melchior Rietveldt. Een ironie zo schoon dat het kunst wordt."
Joost Vandecasteele in DS Weekblad, 7 september 2012

zaterdag 31 augustus 2013

Betalingsbereidheid

"Onderzoek naar betalingsbereidheid is meestal louter hypothetisch. Als je aan mensen vraagt hoeveel meer ze zouden betalen voor een duurzame kip, dan lijken ze er gemakkelijk 50 procent extra voor over te hebben. Maar dat zegt heel weinig over hun werkelijke gedrag."
Wim Verbeke in De Standaard, 31 augustus 2013

zaterdag 22 juni 2013

Cycling for Libraries: Unconference 2.0?

'Unconference': een conferentie die er geen is. Er is geen programma: de deelnemers maken de inhoud. De klemtoon ligt dus meer op uitwisselen van ervaringen en ideeën dan op het formeel overdragen van kennis via - zo gaat dat toch tegenwoordig - Powerpointpresentaties of Prezi's. Het is dan ook niet gemakkelijk om over de inhoud te rapporteren. Dat merkten lezers van deze blog eerder al. Maar ook toen al was duidelijk dat de 'on-' niet die van 'ongeorganiseerd' was. Ook een onconferentie vereist voorbereiding, begeleiding en nazorg.

Dat geldt in het kwadraat voor de bibliothecaire onconferentie die op dit eigenste moment ons land binnenrijdt: Cycling for Libraries. Met 100 bibliothecarissen op de fiets in negen dagen van Amsterdam naar Brussel rijden, vereist wel degelijk voorbereiding. Het is een gedistribueerd organisatiemodel dat veel ruimte laat voor lokaal initiatief. Vanuit mijn eigen ervaring met meer klassieke conferenties, durfde dan wel eens de vraag opduiken of iemand het overzicht nog wel had. Maar dat is dus een verkeerde vraag voor een unconference.


Nu de trein aan het rijden is, blijkt trouwens hoe sterk de organisatie erachter is. Terwijl ik zit de tikken kan ik op de website volgen hoe een eerste groep fietsers Brugge binnen rijdt, terwijl een tweede groep net Damme gepasseerd is. Via Twitter stromen de foto's van windmolens, grachten en grijze luchten binnen, samen met berichten over meetings en pech onderweg. Elke dag is er een filmpje over de belevenissen - en de fietser - van de dag. Dat met dank aan Kirjastokaista, het Finse bibliotheektelevisiekanaal. Een van de makers, Tuomas Lipponen, zal trouwens op onze eigen 'echte' conferentie een ander werkstuk voorstellen. En hier en daar verschijnen blogberichten, zoals die van Tenaanval en Moqub, naast meer officiële verslaggeving. Kortom - het is voor u geen verrassing - je kan het hele gebeuren via laptop of smartphone volgen alsof je erbij was.

Of toch niet? Van regen en wind blijven we gespaard, maar het valt ook op dat er weinig inhoudelijke discussies naar buiten komen. De filmpjes gaan over meer over het traject van de dag dan over het programma. Maar ja, dat was er ook niet echt. Er wordt wat getweet over gratis toegang tot de openbare bibliotheek. Maar dat blijft toch eerder beperkt.

Het is met alle onconferenties hetzelfde: je moet erbij zijn. Web 2.0 blijft toch maar een surrogaat voor de uitwisseling - en de kameraadschap en de emotie - van het echte leven. Wie dat wil, kan de komende dagen in Vlaanderen nog wel komen proeven. Zondagavond rond 20u. in Dok Gent bijvoorbeeld, waar Saskia Scheltjens een unconference binnen de unconference organiseerde onder het label 'The Open Library'. Of maandagmiddag om 16u. in Dendermonde, waar minister van Cultuur Joke Schauvliege op de fiets springt om Cycling for Libraries te vervoegen. Of, natuurlijk, woensdag 26 juni om 10u. aan het Europees Parlement in Brussel, waar de fietsers een statement over het belang van de openbare bibliotheek zullen overhandigen aan de Europarlementsleden.

Het is een unieke kans, pik nog een graantje mee. Want hoeveel mogelijkheden web 2.0 ook biedt, er gaat toch niets boven het echte leven...

zondag 16 juni 2013

Bibliotheken in Marseille: centrum vs. periferie

Bibliothèque du Merlan
Met vijftien bibliotheekmensen trokken we naar het zuiden voor  een vierdaags studiebezoek aan Marseille en Aix-en-Provence. Tijdens ons bezoek opende het prachtige, gloednieuwe MuCEM de deuren, het Musée des civilisations de l'Europe et de la Méditerranée. Marseille is culturele hoofdstad in 2013, en dat zullen we geweten hebben. Ici, c'est capital, lazen we overal langs de straten. Maar we konden ons niet van de indruk ontdoen dat in de 'hoofdstad' een groot deel van de bevolking aan haar lot wordt overgelaten.

­­Voor 300.000 inwoners in de arme, noordelijke arrondissementen, zijn er welgeteld twee culturele instellingen: een theater dat in zijn programmatie nauwelijks rekening houdt met de bevolking van de omliggende wijken, en een bibliotheek
Trap van het winkelcentrum naar
de Bibliothèque du Merlan
De Bibliothèque du Merlan bevindt zich twee verdiepingen onder (!) een winkelcentrum. ‘Couloir de la mort’ noemen de kinderen de toegangsweg, omdat die zo donker en verlaten is. Van enige investeringen naar aanleiding van de culturele hoofdstad, was er weinig te merken. 
Le couloir de la mort
De medewerkers doen wat ze kunnen, maar de stad Marseille maakte enkele jaren geleden een duidelijke keuze. In het centrum verrees een moderne, nieuwe bibliotheek, het Alcazar: een mooi, gloednieuw gebouw met veel licht en ruimte en een uitgebreide dienstverlening. RFID met zelfbediening, een sorteermachine in de inkomhal, een afdeling voor mensen met een leesbeperking, een veel geconsulteerde afdeling voor werkzoekenden ... Ook op een doordeweekse vrijdagmorgen werd ze intensief gebruikt, maar niet door de bewoners van de volkswijk waar ze zich bevindt.

Naast het Alcazar telt de stad zeven bibliotheken, symbolisch genoeg evenveel als de gevangenis van Marseille, waar naar verluid één derde van de bevolking vroeg of laat passeert. De vestigingen zijn ongelijk verdeeld over het grondgebied en de werking in de wijken is de voorbije jaren teruggeschroefd, ten voordele van investeringen in het Alcazar.
Cours Belsunce, Marseille
Het auteursrecht laat niet toe
foto's van het Alcazar te publiceren.
Acht vestigingen is te weinig voor 850.000 inwoners. Het stadsbestuur laat dan ook veel over aan privé-iniatief: 'commerciële' bibliotheken in de rijke zuidelijke wijken, waar men al gauw een euro per uitlening betaalt, ‘espaces lectures’ in het arme noorden. Deze minibliotheekjes fungeren ook als ontmoetingscentrum en proberen met minimale middelen cultuur en informatie tot bij de arme bevolking te brengen. De nadruk ligt er meer op animatie  dan op de collectie, die vaak bestaat uit boeken die door andere bibliotheken afgevoerd werden.

Maar MuCEM is prachtig gebouw met mooie, multimediale tentoonstellingen dat ongetwijfeld veel toeristen zal trekken en - net zoals het Alcazar – zal bijdragen aan een positief imago van (het centrum van) de stad.
Espace lecture Edouard Vaillant