donderdag 8 januari 2015

Vrije toegang tot informatie: Charlie en de bib



Enkele jaren geleden maakte de VVBAD werk van een Beroepscode voor informatieprofessionals in bibliotheken en documentatiecentra. De informatieprofessional komt op voor vrije toegang tot informatie en cultuur, stelt de code onder meer, en hij streeft objectiviteit en meerstemmigheid na in de collectie. Ongeveer in dezelfde periode schreef IFLA een internationale code die gebruikt kon worden in streken waar bibliothecarissen geen eigen deontologische code hadden. De nadruk lag hier veel sterker nog op de strijd tegen censuur en het recht op vrije meningsuiting. In Vlaanderen leek die klemtoon minder noodzakelijk. Hier garandeert de overheid immers het recht op een vrije mening. 

Maar ook al is vrije toegang nog altijd een basiswaarde van de sector, we leggen er geen nadruk meer op. Over vrije toegang durven we nauwelijks nog te spreken, nu alles wat gratis is, meteen ook verdacht is. Het is immers op termijn onbetaalbaar. Of het zet aan tot piraterij. Of het is gewoon piraterij. En ook de informatie vegen we meer en meer onder de mat, zeker in de openbare bibliotheken waar de discussie over de toekomst van de sector hevig woedt. We moeten gemeenschappen vormen, ontmoeting stimuleren, heilige huisjes afbreken en de veilige zekerheden loslaten. De informatie wordt gereduceerd tot een kanttekening. En niemand roept ‘censuur’ als uitgevers botweg weigeren om hun e-boeken aan de bibliotheek te verkopen. Ze hebben daartoe immers het volste recht, toch?

Elders is het anders. In de VS publiceert de American Library Association jaarlijks een lijstje van boeken die het meest gewraakt worden in bibliotheken en dat al ruim dertig jaar. In 2013 stonden Vijftig tinten grijs op vier en De hongerspelen op vijf in de top tien van boeken die gebruikers graag verwijderd wilden zien uit bibliotheken. Banned Books Week is er een begrip. De vrijheid om te lezen en de vrije toegang tot informatie staan dan uitdrukkelijk centraal. Dat zijn geen loze woorden. In de Amerikaanse bibliotheekwereld zijn de Connecticut Four helden. In 2005 verzetten vier bibliotheekverantwoordelijken van Library Connection, een bibliotheeknetwerk in Connecticut zich met succes tegen de uitvoering van de Patriot Act. De FBI had gegevens van leners opgevraagd en tegelijkertijd een verbod opgelegd om hierover te communiceren.

Zich verzetten tegen het juridische geweld van het overheidsapparaat van de machtigste staat op aarde is een zaak, zich verzetten tegen een stel fanatici die met kalashnikovs in de hand een redactielokaal binnenstormen, een hele andere. In Parijs stierven eerder deze week twaalf mensen bij een aanslag van extremisten op het satirische tijdschrift Charlie Hebdo. “Als bibliothecaris bedenk ik vandaag dat het een geluk is voor de veiligheid van mijn medewerkers dat jihadisten minder lezen dan ze naar prentjes kijken”, schreef bibliothecaris Nathalie Verstrynge als reactie op Facebook. “In onze collectie staat nogal wat dat hen wel eens meer tegen de borst zou kunnen stoten dan een cartoon.” Daarmee zet ze vrije toegang tot informatie ook bij ons weer nadrukkelijk op de agenda. Zouden we bereid zijn om het leven te laten voor deze waarde?

In een recent blogbericht antwoordt R. David Lankes op de vraag wat bibliotheken kunnen doen na een aanslag zoals deze. In tijden van conflict zoeken mensen naar informatie en verklaringen. Ze zoeken steun en houvast binnen hun gemeenschap. Daar ligt een rol voor de bib. "The libraries did not diminish the conflict, nor ignore systemic racism. Yet the libraries did not close, and did not retreat", schrijft hij over de bib in Ferguson ten tijde van de rassenrellen daar. De bibliotheek was er letterlijk de veilige plek in de stad.

Maar als Lankes ons oproept om stand te houden in tijden van conflict, lijkt Nathalie nog een stap verder te gaan “Anderzijds bedenk ik ook meteen dat we gefaald hebben”, vervolgt ze in haar post. “Dit zijn Westerse jongeren. Hadden ze maar al die boeken gelezen. Ze zijn hier opgegroeid zonder te proeven van onze vrijheid.” Kunnen bibliotheken ook een verschil maken voor het conflict uitbreekt?  Hoe het  niet moet, zagen we alvast in Marseille. Het stadsbestuur trok er de bibliotheken terug uit de banlieus en liet er honderduizenden over aan de zorgen van ondergefinancierde espaces lecture. De jongeren daar krijgen er nauwelijks kans om te genieten van een vrije toegang tot informatie.Aan de ingang van de hype centrale bibliotheek in het centrum van de stad, houden veiligheidsagenten nadrukkelijk de wacht. Maar er is vrije toegang tot informatie, toch? Censuur is er niet en de informatie is gratis beschikbaar...


Uit de Beroepscode voor informatieprofessionals in bibliotheken en documentatiecentra:
  • De informatieprofessional komt op voor vrije toegang tot informatie en cultuur.
  • De informatieprofessional streeft bij de collectievorming een zo groot mogelijke mate van objectiviteit en meerstemmigheid na.
  • De informatieprofessional heeft een open en onbevooroordeelde houding tegenover de gebruikers.

Bibliothèque du Merlan: Couloir de la mort